Van onze speciale verslaggever
donderdag, 31 augustus 1978

Oranje geeft knap partij

Honkbalploeg verliest van VS

PARMA — De wedstrijd duurde net iets te lang. Acht innings had de Nederlandse honkbalploeg knap gespeeld. Was er uitzicht geweest op een verrassend resultaat tegen titelfavoriet de Verenigde Staten. In de laatste slagbeurt kwam echter de terugslag. Bart Volkerijk kon het op de werpheuvel niet meer bolwerken. Coach Ernie Myers verving hem door Bertil Haage, maar ook de Twent kon de Amerikanen niet meer afstoppen.

Eén ding stond echter na Nederland-Verenigde Staten duidelijk vast: de 10-5-eindstand gaf geen juist beeld van de wedstrijd. Natuurlijk is verliezen met een verschil van vijf punten van een van de sterkste, zo niet dé sterkste honkbalnatie ter wereld, geen schande. Vandaar ook dat er toch wel tevredenheid heerste in het Nederlandse kamp.

Assistent-bondscoach Hamilton Richardson: „Ik geloof dat dit een positief resultaat is. Het is natuurlijk doodzonde dat de score in de laatste inning nog zo opliep, maar dat was niet de feitelijke beslissing. De nederlaag stond vast na de zevende inning. Daarin ging het mis".

Richardson doelde daarbij op de situatie, waarin zowel het eerste als het derde honk door de Amerikanen was bezet. Achtervanger Paul Smit gooide aan op tweede honkman Don Wedman om te proberen de derde nul via Zuvella te maken. Werper Volkerijk onderschepte de bal om Shapiro van het derde kussen te lokken. Het gevolg was dat geen van beide Amerikanen uitgingen.

Detail

Het is natuurlijk slechts een detail in het grote geheel. Maar wel erg belangrijk, omdat de Verenigde Staten, dat Bill Arce (in 1971 bondscoach van Nederland) als assistentcoach heeft, kort daarna de score opvoerde van 5-3 naar 7-3, en zo'n verschil is natuurlijk te groot met nog slechts twee slagbeurten te gaan.

Het resultaat viel desondanks beter uit dan iedereen had verwacht. Na de beschamende 0-7-nederlaag tegen Japan was er eigenlijk nog maar weinig hoop op echt herstel en een redelijk resultaat. Maar de Oranje-ploeg bewees tegen de Verenigde Staten overduidelijk zijn grilligheid. De té slappe houding en het gebrek aan mentaliteit, die het duel tegen de Japanners beheersten, waren verdwenen. De wil om te knokken was terug en veel meer mag er natuurlijk niet worden geëist.

De wil om er iets goeds van te maken kwam al in de eerste slagbeurt van de Amerikanen — een zeer jonge ploeg, waarin de oudste speler nog maar net 22 is — al naar de oppervlakte. Werper Bart Volkerijk moest weliswaar honkslagen accepteren van Codiroli en Francola, maar na de vijfde slagman verscheen er toch een nul op het scorebord. En dat op zich was al knap in vergelijking met bijvoorbeeld de Italianen, die na twee innings al tegen een 0-5-achterstand aankeken.

De Verenigde Staten beschikt namelijk, behalve over een jonge ploeg, ook over een team dat ontzettend graag wil slaan en het ook kan. De slotcijfers van de wedstrijd tegen Nederland zouden dat bewijzen, want Paul Zuvelhi vier uit vier en Jerry Desimone drie uit vier.

Minder glorieus

In de tweede inning nam de Verenigde Staten een 1-0-voorsprong en daarmee kwam Nederland goed weg, omdat er met slechts een man uit drie honken werden bezet. De Amerikaanse slagbeurt verliep minder glorieus. Bart Volkerijk kampte even met een inzinking, gooide vier wijd op zowel Shapiro als op Zuvella en zag vervolgens Mike Hurdle (met twee man aan boord) de bal het stadion uitknallen. Omdat ook Wallach had gescoord, was het ineens 5-0.

De Nederlandse ploeg vocht echter zeer knap terug. In de gelijkmakende derde innings scoorde zowel Arnold Smith als Paul Smit. Beiden waren door een honkslag op de kussens gekomen en een klap van Ben Richardson was voldoende om twee punt te laten noteren.

De Amerikanen waren duidelijk even uit hun doen. Werper Ed Vandeberg (vervanger van Leary) maakte een niet toegestane schijnbeweging en Zuvella liet een vrij gemakkelijke bal uit de handen vallen. Eddie Tromp, die het als aangewezen slagman niet zo best deed. was via vier wijd op het eerste honk gekomen en profiteerde gretig van die Amerikaanse missers.

Drie innintgs lang konden de Amerikanen niet tot scoren komen. Er werden wel rake klappen uitgedeeld (Volkerijk zou in zijn acht en derde inning dertien honkslagen tegen krijgen), maar door knap veldwerk werd elke poging tot scoren verijdeld. Bovendien waren, bij echte verre tikken, de buitenvelders attent.

Nadat in de zevende inning het verschil was opgelopen tot 7-3, scoorde Nederland opnieuw. Arnold Smith kreeg van Mark Ross, de derde Amerikaanse werper, de bal prachtig op de knuppel en bereikte het tweede honk. Smit en Maat (gisteren twee plaatsen hoger in de slagvolgorde dan anders) offerden zich op om de derde honkman binnen te helpen.

Sensatie

Door een schitterende klap van Jenken kon Nederland een inning later nog iets dichterbij kruipen. De bal belandde tegen de schutting en Richardson, zelf goed voor een slagpercentage van 0.500, kwam binnen. Even hing er een sensatie in de lucht. Maar zover kwam het niet. Bart Volkerijk verloor zijn controle en zag de honken vol stromen. Myers haalde hem toen terecht naar de kant, maar Haage kon drie runs niet meer voorkomen.

Het vertoonde spel, maar vooral de inzet geven hoop voor de toekomst. Het programma is in het voordeel van de Nederlandse ploeg, want de komende vier dagen staan de wedstrijden tegen achtereenvolgens België, Cuba en Mexico op het schema en het moet mogelijk zijn om uit die drie partijen vier punten te halen.